“Het is fijn om iemand te hebben die niet direct oordeelt en objectief naar de situatie kijkt”

Het verhaal van Femke

- Over cliëntondersteuning in Bladel -

Als haar zoon Has (20) op een dag teveel ketamine neemt en Femke (64) een ambulance moet bellen, ziet ze in dat het zo niet langer kan. Femke legt contact met de maatschappelijke zorg in haar woonplaats en vraagt om hulp. De situatie is complex en dus schakelt de gemeente MEE in voor ondersteuning. Cliëntondersteuner Jan bezoekt het gezin en helpt hen de situatie te overzien.

“Onze zoon Has heeft autisme en gebruikt ketamine. Has woont nog thuis en dat maakt het voor ons extra zwaar, we worden er dagelijks mee geconfronteerd. Toen op een dag de ambulance moest komen omdat Has niet meer op zijn benen kon staan, wist ik; dit gaat zo niet langer. Ik had al vaker contact gelegd met de instantie die begeleiding bood aan Has, maar kwam daar niet veel verder. Hoewel we er volgens de zorgovereenkomst wel recht op hadden en het hard nodig was, kreeg Has geen zorg thuis. Via de gemeente kwam ik in contact met MEE. Cliëntbegeleider Jan kwam bij ons langs en nam echt de tijd voor ons. Jan heeft ons duidelijk uitgelegd waarom hij langskwam en wat hij kwam doen.

Duidelijkheid

Jan hielp mij om alles eens goed in kaart te brengen. Want wat was er nu eigenlijk allemaal aan de hand? We gingen als het ware samen als een helikopter boven de situatie hangen en beantwoorden belangrijke vragen: Wie zijn er betrokken? Has, ikzelf en mijn partner. Welke problemen spelen er? Het drugsgebruik en autisme van Has. Stap voor stap brachten we de situatie in kaart. Jan legde me ook uit wat psycho-educatie is. Ik kende dat niet. Toen Has de diagnose autisme kreeg, wilde hij geen enkele vorm van therapie. Wij hebben toen ook geen verdere begeleiding aangenomen. Dat werd wel aangeboden, ik kon zelf ook in therapie, maar ik had er na het lange voortraject gewoon de puf niet meer voor. Ik dacht dat het vooral aan Has lag, als zijn problemen werden opgelost had ik ook geen problemen meer. Later zag ik in dat het anders lag.

Autisme

Samen met Jan heb ik veel gesproken over onze situatie. We bekeken wat er precies gebeurde en wat mijn rol was. Ik ging ook beter herkennen wat autisme doet in bepaalde situaties en leerde mijn reactie daarop aanpassen. Er waren stiekem een heleboel dingen die ik nog niet wist over autisme. Jan vertelde me er meer over en daardoor kon ik het gedrag van Has beter plaatsen. Het gaf me echt meer inzicht en maakte me bewuster. Dat kwam niet in één keer, maar stapje voor stapje ging het beter. Ik kan nu kritischer kijken naar mijn eigen handelen en de rol van mijn partner. Naast Has woont ook mijn partner bij mij in huis. Hij is niet de vader van Has en houdt zich dan ook afzijdig, iets dat ik heel vervelend vind. Jan hield me echt een spiegel voor wat dat betreft. Hij gaf me het advies om duidelijk uit te spreken dat het mij als moeder raakt dat hij zich zo afzondert als het om Has gaat. Ik vertelde Jan dat mijn partner ook niet de makkelijkste is en Jan stelde me toen de vraag of hij misschien ook zijn beperkingen kende. Dat opende mijn ogen, want dat klopte. Dit soort gesprekken met Jan gaven mij inzichten en leerden me om kritischer naar mijn eigen situatie te kijken. Dat gaf mij ook meer rust.

MEE(r)waarde

Er is een heleboel veranderd sinds de betrokkenheid van MEE. Hele kleine dingen, soms zelf dingen die nauwelijks aanwijsbaar zijn maar die ik voel. De steun van Jan was erg fijn. Eindelijk was er iemand bij wie ik mijn verhaal kwijt kon. Hij leerde me dingen die ik langzaam maar zeker zelf in de praktijk kon brengen. Bijvoorbeeld in de omgang met Has. Hij weigert hulp en gebruikt nog steeds ketamine. Het heeft even geduurd voordat ik inzag dat een andere plek voor hem én ons beter is. Hij kan niet thuis blijven wonen. Hij sluit zich op in zijn kamer, ontwikkelt zich niet en wij zien het met lede ogen aan. Als Has zijn eigen plek heeft, waar dan ook, dan krijg ik echt letterlijk en figuurlijk meer lucht. Er zijn momenten dat ik hem het liefst meteen de deur uit zou zetten. Maar Jan adviseerde me om de rust te bewaren, om Has niet direct de deur te wijzen. Jan heeft me ook geleerd om naar mezelf te kijken. Want als je jarenlang zorgen hebt over je kind, cijfer je jezelf steeds meer weg. Maar wat wil ík nu? En wat is het beste voor ons gezin? Ik weet veel beter wat ik wel en niet wil in mijn relatie met Has. Ik sta steviger in mijn schoenen en heb meer zelfvertrouwen in mijn optreden naar Has. Dat is ook nodig, ik moet mijn grenzen aangeven en eigen keuzes maken.

Dat ik terug kon vallen op Jan en zijn collega’s van MEE, was een fijn gevoel. Ik heb wel familie om me heen bij wie ik mijn verhaal kwijt kan, maar zij hebben toch allemaal hun eigen mening. Dat brengt me alleen maar aan het twijfelen. Het is fijner om iemand te hebben die niet direct oordeelt, die objectief naar de situatie kijkt. Zo iemand was Jan voor mij. Hij keek objectief mee en kon mij veel leren over autisme en hoe je daarmee om kunt gaan. Bij hem kon ik terecht met vragen, zonder dat ik meteen aan een heel traject vastzat. Iemand die mij op een professionele manier hielp, zonder oordeel en met vertrouwen. Jan heeft me gehoord, ik voelde me gesteund. Wat de toekomst brengt weten we niet, maar ik heb meer vertrouwen in de keuzes die ik maak. ”